Gebrek aan ventilatie en koeling vormen het meest voorkomende binnenklimaatprobleem in onderwijsgebouwen. Dat komt mede doordat bij de bouw de isolatie alle aandacht heeft gekregen, ten koste van andere aspecten. In het voortgezet onderwijs, waar weinig nieuwbouw plaatsvindt, kunnen de problemen opgelost worden met koeltechniek, maar de prijs daarvan is vaak hoog, zegt Emanuel Kanters, projectleider/adviseur gebouwinstallaties bij Grontmij afdeling Bouw in Roermond.
‘We leggen bij de bouw van scholen te veel nadruk op isolatie. Daardoor ontstaan er in te veel scholen warmteproblemen die vervolgens met dure koeling moeten worden opgelost’, zegt Kanters. ‘Uit oogpunt van energiebesparing wordt er veel te goed geïsoleerd. Wat te vaak vergeten wordt is dat in een schoolgebouw de vele leerlingen en de apparatuur al voor veel warmte zorgen.
Ik heb eens uitgerekend dat er in elke klas met 25 leerlingen gemiddeld 5 kilowatt verwarmend vermogen aanwezig is. En waar niet aan gedacht wordt bij de bouw, is dat in voorjaar, zomer en najaar al die warmte er ook weer uit moet. Daar wordt steeds vaker koeling voor gebruikt, maar feitelijk zijn we daarmee een bouwfysisch probleem met dure techniek aan het oplossen.’
Gangbare budgetten
Bij de bouw van nieuwe scholen, wat met name voor het basisonderwijs nog volop gebeurt, wordt steeds meer gestreefd naar een bouwkundig optimaal gebouw, waar met minimale techniek een gezond binnenklimaat te waarborgen is. Maar in bestaande bouw is koeling de enige optie – een optie die met de gangbare budgetten voor techniek en binnenklimaat bij voortgezet en hoger onderwijs onhaalbaar is. Bovendien zijn de wettelijke vereisten zo ruim dat noodzakelijke verbeteringen niet afgedwongen kunnen worden.
Kanters: ‘Het Bouwbesluit dekt alleen de isolatie van wanden, daken enzovoorts, en voorziet in een minimale ventilatienorm. Maar de praktijk laat zien dat die norm onvoldoende is. Er zijn te veel instellingen die hun leerlingen geen gezond binnenklimaat bieden. De overgang naar het concept Frisse Scholen, waarin Agentschap NL (voorheen SenterNovem) veel strengere ventilatienormen aanreikt, is positief en wordt steeds meer opgepakt, maar die norm is helaas niet verplicht. Daardoor stijgen in veel klaslokalen de temperaturen tussen april en oktober tot ontoelaatbare hoogten.’
Kanters ziet het als een taak van de overheid om regels en normen te heroverwegen, vooral op het gebied van isolatie, en daarbij ventilatie en koeling meer aandacht te geven.
Eerste Passief Frisse Brede School: http://t.co/Jf1zvvH6