Niet alleen het (ontwerp van) gebouw, interieur en installaties maken of breken het leer- en leefklimaat in scholen. Goede voeding vormt een belangrijke randvoorwaarde om te komen tot goede schoolprestaties. Steeds meer scholen maken werk van een verantwoord aanbod, al blijkt dat een proces van ‘stapje voor stapje’.
Onder leiding van Sibo Arbeek, hoofdredacteur van het blad Schooldomein, bespraken Paul de Ruiter (architect), Heleen Schuit (Voedingscentrum), Michiel Kulik (initiatiefnemer Happy Healthy School), Eddine Sarroukh (lichtexpert Philips), Theo van den Burger (Algemene Vereniging van Schoolleiders, AVS), Froukje van Dijken (BBA Binnenmilieu) en Richard Bruijne (woonbioloog) voor School Inside de voorwaarden waaraan de ideale leeromgeving moet voldoen.
Verantwoordelijkheid
De moderne leerling neemt steeds minder thuis gesmeerde boterhammetjes mee naar school. Steeds vaker geven de ouders geld mee waarmee hun kinderen op school hun lunch en tussendoortjes kunnen aanschaffen. Daarmee leggen zij de verantwoordelijkheid voor verantwoorde voeding meer en meer bij de school. Op hun beurt schakelen scholen steeds vaker een externe partij in – meestal een cateraar – om te voorzien in het aanbod in de kantine en in automaten.
‘De overheid stelt dat de school zich moet richten op bepaalde kerntaken, bijvoorbeeld dat een kind leert rekenen’, weet Heleen Schut. ‘Wat we niet moeten vergeten, is dat ook gezonde voeding daar een bijdrage aan levert. ’s Ochtends thuis een goed ontbijt bijvoorbeeld, want als scholieren dat niet meekrijgen, komen ze de dag niet goed door. Wat er vervolgens op school wordt gegeten, is de verantwoordelijkheid van de school. Die moet in de pauzes gezond eten aanbieden. Toch ken ik een voorbeeld van een school die de cateraar had aangegeven geen snoepautomaten meer te willen, waarop de cateraar zei dan geen winst meer te kunnen maken.’
Michiel Kulik vraagt zich daarop af of scholen wel macht hebben over dergelijke externe partijen. Jeanette Knoop van School Inside-participant Sodexo: ‘Wij bieden aan wat de school van ons vraagt. Wij bepalen dus niet wat de scholier eet, maar streven ernaar gezonde producten aan te bieden. De contractvorm is leidend. Kiest een opdrachtgever (school) voor volledig uitbesteden voor eigen rekening en risico van de cateraar, dan maakt die de keuzes die het meest winstgevend zijn. Wordt er op een andere manier uitbesteed, via open-boek of een aanneemsom, dan kan de opdrachtgever veel beter een vinger aan de pols houden en strenger bepalen wat de randvoorwaarden zijn, bijvoorbeeld op het terrein van gezonde voeding. Er ontstaat dan meer ‘samenwerking’ dan ‘uitbesteding’, waarbij de school de catering ziet als onderdeel van het totale aanbod. Overigens is volledige uitbesteding op dit moment wel het meest gangbaar.’
Richard de Bruijne: ‘Toch wil ik graag benadrukken dat ik vind dat ouders medeverantwoordelijk zijn, of het nu gaat om sporten of om gezond eten. Je kunt niet alles aan de school overlaten.’
Stap voor stap
Het programma ‘De gezonde schoolkantine’ van het Voedingscentrum richt zich specifiek op een meer verantwoord voedingsaanbod. Heleen Schut: ‘Doel is scholen te bewegen een verantwoord assortiment te voeren. Ik ga letterlijk naar scholen toe om te kijken hoe het assortiment eruitziet en om verbeteradviezen te geven. Daarnaast help ik scholen om draagvlak te creëren. Dat heb je nodig om een aangepast assortiment bij leerlingen onder de aandacht te brengen.’
Deze omschakeling vraagt (dus) investeringen in tijd en geld. Schuit: ‘Er zijn maar weinig scholen die in één keer de stap naar gezonde voeding maken. Het moet stapje voor stapje: van wit naar bruin brood, van gewone cola naar light. De belangrijkste drie stappen zijn wat mij betreft alle snoepautomaten eruit, op alle scholen brood aanbieden en goede voorlichting geven over wat gezonde voeding doet met je concentratie en met je lichaam.’
Bewustwording
Het is dus niet de bedoeling al te rigoureus te werk te gaan. Frits Wolters, [functie], geeft een voorbeeld van hoe het niet moet: ‘Ik weet van een school die in één keer zó ver ging dat zelfs eigen biologische groenten werden geteeld. Resultaat: leerlingen liepen weg en in de pauze stonden de snackkarren bij de ingang van het schoolplein.’
Heleen Schuit: ‘Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Heel belangrijk is dat je als school je leerlingen voorlicht over de stappen die je neemt. Vertel waarom je biologisch gaat en waarom je beter een broodje kunt eten dan een kroket of een frikadel. Ik noemde het net pas als derde, maar bewustwording onder leerlingen is de belangrijkste voorwaarde om te komen tot verantwoorde voeding op school.’
Eerste Passief Frisse Brede School: http://t.co/Jf1zvvH6