Hoe moet een school worden ontworpen en ingedeeld? Welke concepten zorgen ervoor dat leerlingen hun vaardigheden het best kunnen ontwikkelen én les krijgen in een schoolgebouw dat prikkelt en inspireert? School Inside zoekt met de deelnemers aan een speciaal georganiseerd breed gesprek naar antwoorden.
Onder leiding van Sibo Arbeek, hoofdredacteur van het blad Schooldomein, bespraken Nout Paes (architect bij architectenbureau Paul de Ruiter), Roel Bosch (DKV Architecten), Heleen Schuit (Voedingscentrum), Michiel Kulik (initiatiefnemer Happy Healthy School), Eddine Sarroukh (lichtexpert Philips), Theo van den Burger (Algemene Vereniging van Schoolleiders, AVS), Froukje van Dijken (BBA Binnenmilieu) en Richard Bruijne (woonbioloog) voor School Inside de voorwaarden waaraan de ideale leeromgeving moet voldoen.
School als avontuur
Nieuwe concepten kunnen best herontdekkingen zijn van concepten uit het verleden, aldus Nout Paes. ‘Kinderen hebben allemaal een ander niveau en een eigen manier en snelheid waarmee ze leerstof opnemen. Wij zijn nu bezig met een school waarin behalve de lokalen een algemene ruimte komt waarin leerlingen in groepjes kunnen werken, op hun eigen tempo. Leraren lopen rond en kunnen worden aangesproken.’
Maar het kan ook anders, stellen Sibo Arbeek en Theo van den Burger - avontuurlijker. Arbeek: ‘Een collega vertelde me laatst over de ‘beweegvriendelijke’ school. Na een lesuur lopen leerlingen van het ene lokaal naar het andere; dan kunnen ze dus even hun energie kwijt. Sommige lokalen zijn ingericht als een soort avontuur: als park, als ontdekkingstocht langs kaarten aan de muur. In feite de ‘oude’ school met gangen, maar de leerprestaties stijgen er wel door. Is dat de ideale school?’
Theo: ‘In de Verenigde Staten heb ik eens een school bezocht die zo groot was als een voetbalveld. Stond je aan de ene kant van het gebouw, dan kon je zó naar de andere kant kijken. Geen lokalen dus, behalve een muziekruimte en een sporthal. De enige indeling vormden kasten- en scheidingswanden. Fantastisch hoe dat in elkaar stak; leerlingen en docenten door elkaar. Er heerste rust en discipline.’
Samen kijken naar activiteiten
Anders gesteld: een lokaal hoeft zeker niet meer allesbepalend te zijn. Interieur, akoestiek, inrichting – kortom, het facilitaire concept – bewegen mee met de opleidingsbehoeften. Dat dat niet altijd vanzelf gaat, illustreert Froukje van Dijken: ‘Wij zijn betrokken bij de bouw van een school waar dit speelt. Het niet denken vanuit traditionele lokalen blijkt een forse ontwerpinspanning te vragen. Lokalen scheppen een compleet ander binnenmilieu dan een grotere ruimte. Wanneer verstaan mensen elkaar en wanneer niet, bijvoorbeeld? En nieuw educationeel concept is prima, maar dan moeten alle betrokken partijen samen kijken naar de activiteiten die in een ruimte gaan plaatsvinden. Dus ook docenten.’
Roel Bosch: ‘In het gebouw waarin we nu zitten (het gesprek vond plaats in het Insula College in Dordrecht, red.) speelt dit op kleine schaal. De grootste onderwijsruimte is 800 vierkante meter, waarvan een deel kan worden afgescheiden voor instructieonderwijs. Dit gebouw is ontworpen met het idee dat je van traditionele lokalen naar grotere ruimtes moet kunnen. Al hadden we hier natuurlijk ook te maken met beperkingen qua installaties, akoestiek en middelen.’
School moet langetermijnvisie projecteren
Moet het (dus) niet andersom? Moet de zonering – het bijeenbrengen van typen activiteiten en het op basis daarvan vormgeven van installaties, klimaatbeheersing, ICT enzovoorts – niet voorop staan?
Roel Bosch wil daar niet zomaar mee instemmen: ‘Ik ben tegen het uitgangspunt dat een gebouw alles moet kunnen. Je moet kijken welk type flexibiliteit in een gebouw nodig is. Zonder precies te weten welke ruimtes of lokalen uiteindelijk aan elkaar gekoppeld zullen worden, en met het uitgangspunt dat het allemaal wel overzichtelijk moet blijven. Een architect moet alle uitgangspunten bij elkaar brengen met in zijn achterhoofd alle vragen van een opdrachtgever of gebruiker. Niet alleen nu, maar ook over vijf jaar. Nog belangrijker is dat een school een langetermijnvisie projecteert op het gebouw dat er moet komen. Dat kunnen wij als architecten niet doen.’
School Inside beschikt over een groeiende bibliotheek deeplinks naar websites over gezondheid, veiligheid en (leer)klimaat op school. Kies in het menu links voor 'downloads & links'.
Eerste Passief Frisse Brede School: http://t.co/Jf1zvvH6